↑ Terug naar Archief

Heuswaar 2000

Columns Heuswaar, 2000, Weekkrant De Brug

woensdag 5 januari 2000 (15)

Ganzenbord

Als ik dit schrijf is het 30 december 1999, als u dit leest is het 5 januari 2000. Het is toch raar dat u als lezer al weet hoe de wereld er in de 21e eeuw uitziet, terwijl ik op dit moment slechts kan gissen. Deze column kan staan tussen artikels over een gezellige oudejaarsnacht in Leidsche Rijn of geflankeerd worden door verhalen over verschrikkelijke rampspoed. Fysiek is de kanteling van de 20e naar de 21e eeuw een peulenschil. Oliebol, glaasje champagne en een paar harde kanonslagen. Meer was het nooit en dat zal nu niet anders zijn. De psychisch kant laat zich lastiger duiden. Zijn we in 2000 nog dezelfde mens als een paar minuten eerder? Ik weet het niet. Wat ik wel weet is dat ondanks onze nuchtere volksaard, geen supermarkt meer over een enkele fles bronwater beschikt. Leidsche Rijn heeft nog geen winkel dus mocht er een dorstige Leidscherijner voor de deur staan om een fles water, wees gul. Zelf hebben we niets gehamsterd. Misschien laat ik onder druk van de familie het bad vollopen, en, mocht het echt scheef gaan, zijn er voldoende potjes babyvoedsel in huis om gedrieën een week op te teren. Valt de verwarming uit, dan rest ons niets dan het verstoken van de zeer gewaardeerde nieuwe aanplant. Het is best treurig dat onze maatschappij zo afhankelijk is geworden van elektra, water en gas. We weten ons geen raad als de stroom tien minuten uitvalt. Duizend jaar geleden zat men daar niet mee. We schrijven 31 december 999. Na de Romeinen, Friezen en Franken was het de tijd van het Duitse Keizerrijk. Otto III was almachtig heerser. In 995 benoemde hij Ansfried tot Bisschop van Utrecht die daarmee uitvoerend machthebber werd. Ook toen waren het roerige tijden. Nu voeren bouwmachines strijd om de laatste stukken vrije grond. Toen was het Dirk III, graaf van Holland, die dikwijls oorlog voerde om het gebied van de Bisschop. Waarom? Om de belastingscenten! Gezien de annexatie is op dat vlak weinig veranderd. Alleen nu doen we het zonder bloedvergieten. De gewone mens van toen dacht niet aan het millennium. Iedere dag dreigde problemen. Men werkte zich suf en ging naar de kerk, meer niet. Nu zijn we zo ver dat trendwatchers de 21e eeuw zien als de tijd van de ‘Homo Ludens’, de spelende mens. Dus, mocht de stroom uitvallen? Pak dan een paar kaarsen en doe eens een spelletje. Ganzenbord bijvoorbeeld!

woensdag 19 januari 2000 (16)

Schijnhuwelijk

De spanning rond de op handen zijnde annexatie van Vleuten-De Meern door Utrecht begint aardig op te lopen. De burgemeester van Vleuten-De Meern heeft veel kritiek gekregen op zijn manier van onderhandelen met Utrecht. Een typisch geval van struisvogelpolitiek der criticasters. Nu hard roepen dat onderhandelen toegeven betekent, maar als de annexatie doorgaat (en die gaat door) is de kritiek niet van de lucht als hij niets gedaan zou hebben. Doet me een beetje denken aan de verbale dans rond de miljarden van het millenniumprobleem. Nu Nederland nog bestaat schreeuwen de mensen die zo bang waren voor vallende vliegtuigen dat die 22 miljard wel heel gemakkelijk is uitgegeven. Opportunisme ten top en bij elkaar behoorlijk flauw. Persoonlijk houd ik niet van annexaties. Het blijft toch een beetje oorlog voeren zonder schieten, een soort kussengevecht der witte boorden. Vaak lachwekkend en allemaal volstrekt overbodig. We hebben toch niet voor niets een provincie. Ik weet wel, niemand die het zich realiseert, maar in een kantoor in Rijnsweerd zijn heel veel mensen bezig met belangwekkende zaken. Het feit dat een annexatie kennelijk toch noodzakelijk schijnt, pleit voor het zeer spoedig ontmantelen van de provincie Utrecht. In plaats daarvan richten we de Stadstaat Utrecht op, naar het polismodel der antieke Grieken. Nutteloos geworden gemeenten verkopen we voor veel geld aan omringende provincies. Een dubbel voordeel: van het geld kunnen we alle extra bruggen, sporen en wegen meteen aanleggen en het scheelt iedere vier jaar een onpopulaire gang naar de stembus!

Voor het succes van Leidsche Rijn is bestuurlijke duidelijkheid spoedig gewenst. De beide gemeenten laten geen mogelijkheid onbenut elkaar te prijzen voor de soepele samenwerking. Iedereen weet beter. Een voorbeeldje: bewoners dienden een alternatief plan in voor de verkeersafwikkeling van een nog te bouwen woonwijk langs de grens met Utrecht. De details zal ik u besparen, maar bijkomend voordeel was dat direct een aantal schoonheidsfoutjes van de gemeente Utrecht werd opgelost. Vleuten veegde het plan soepel van tafel. Naast wat technische bezwaren werd gesteld dat de gemeente Vleuten-De Meern toch niet verantwoordelijk kon zijn voor fouten van Utrecht, laat staan daar oplossingen voor zou moeten aandragen. Dit zegt toch wel wat. Als twee gemeenten echt samenwerken, moeten ze ook mekaars fouten willen oplossen. Net als in een huwelijk. Voor het altaar beloof je elkaar bij te staan in voor- en tegenspoed. Als dat echt niet meer gaat, rest er niets dan scheiden, ofwel, in je eentje doorgaan. Hier heet dat geen scheiden maar annexeren. Helaas liever vandaag dan morgen, voordat er onherstelbare schade ontstaat door dit schijnhuwelijk.

woensdag 2 februari 2000 (17)

Afrekening

Mijn vorige stukje heeft er aardig ingehakt. Althans, dat mag de conclusie zijn afgaand op de vele reacties. Met elkaar een goed test om te kijken of de krant nog wordt gelezen: nou, dat wordt ie zeker! Schrijven over de op handen zijnde annexatie is vergelijkbaar met het onbeschadigd oversteken van een vakkundig aangelegd mijnenveld: minimaal levensgevaarlijk! De goede verstaander kon toch duidelijk opmaken dat ik niet gecharmeerd ben van annexatie. Het is in het voorliggende geval slechts een manier om aan extra poen te komen en, nogmaals, volstrekt onnodig. Mijn stelling was en is: of annexeren en de provincie opheffen, of niet annexeren en op provinciaal niveau goede afspraken maken. De brief van Westra was helder als glas. Veel schiet men niet op met annexatie. Het enige nut is het verkrijgen van bestuurlijke helderheid bij de bouw van Leidsche Rijn. Als twee gemeenten bouwen, verval je automatisch in een competentiestrijd. De verantwoordelijkheid moet liggen bij één raad, bij één college en bij één ambtelijk apparaat. Nu zou voor veel mensen de mooiste oplossing zijn als Vleuten-de Meern de eter was en niet de gegetene. Helaas geldt immer het recht van de sterkste. En of u en ik daar blij mee zijn of niet: Utrecht is de sterkste. Verder wilde ik met mijn verhaal duidelijk maken dat het besluit over de annexatie niet op argumenten gebaseerd zal zijn. De beslissing is allang genomen. Het enige dat gebeurt is net zo lang draaien en keren dat de straks opgevoerde redenen nog schijnbaar juist zullen overkomen ook. Tuurlijk, je moet blijven vechten. Je kunt immers nooit weten hoe de petten in de Tweede Kamer zullen staan op de dag van de wetsbehandeling. Stel dat Peper het juist dan heel lastig heeft met zijn declaratieakkefietje en de kamer wil hem pesten? Nogmaals, it ain?t over till the fat lady sings! Laten we alleen de burgemeester niet aanwrijven dat hij niet mocht praten met Utrecht. Niet praten zou het verkwanselen van belangen zijn. Stelt u zich overigens niet te veel voor van die zogenaamde belangen. Het grootste belang was het eigenbelang: de positie van de ambtenaren. Dat klinkt naar voor de inwoners van Vleuten-De Meern en het stadhuis zal het met klem ontkennen, maar laat mij de afspraken maar zien. Voor de inwoners van Utrecht is er wel een groot pluspunt aan de annexatie: de dan noodzakelijke vervroegde verkiezingen. Ik kijk naar die dag uit als naar de verjaardag van mijn oma toen ik 7 was! Want wat er ook allemaal is gebeurd de afgelopen jaren, alle leugentjes, het er door rammen van slechte beslissingenen, altijd komt weer die dag dat de burger de rekening komt vereffenen. Dus, wat mij betreft: op naar de dag van de grote afrekening!

woensdag 16 februari 2000 (18)

Te Koop!

In Leidsche Rijn hebben we, net als in alle andere Utrechtse wijken, een wijkbureau. In die ?andere? 8 wijken zijn de wijkambtenaren weggemoffeld in onooglijke pandjes, zeg maar in de afdankertjes van de wijk. Zoniet in Leidsche Rijn. Aan de Verlengde Vleutenseweg verrees een aards paradijs. Nu ben ik behalve liefhebber van goede wijn, mooie muziek, schone kunsten en archeologie ook bewonderaar van architectuur. Op dat vlak bevalt dat pand mij wel. Verder ben ik nu ook weer niet zo bekrompen dat ik vind dat ambtenaren volgens het concept ?sober doch humaan? gehuisvest moeten worden. Zo?n onderkomen is per slot van rekening ook een visitekaartje. Echter, iedereen weet dat een visitekaartje wel in verhouding moet staan met de rest. En dat is nu net waar de zaken scheef lopen. De bouwkosten van deze oogstrelende gemeentedwelling vielen een slordige twee miljoen harde Hollandsche Florijnen hoger uit dan geraamd! Niet een tonnetje of twee, maar een tonnetje of twintig! Goede morgen dokter Bartels, dat is voorwaar geen kattendrek! Als mijn bureau binnen een overheidsproject drie dubbeltjes boven de begroting uitkomt, worden die niet betaald! U begrijpt, ik zou graag in contact komen met de persoon die bij dit project de budgetbewaking verzorgde. Misschien kunnen we vriendjes worden. Een ander punt: de inbraakgevoeligheid van het pand ligt wat aan de hoge kant. Al zeven keer werden alle computers vakkundig ontvreemd. Dat lijkt me teveel. Als ik wijmanager was had ik een verplicht corvee ingesteld. Bij toerbuurt overnachten in het wijkbureau. Gezellig met z?n twee. In de avonduren wat achterstallige arbeid wegwerken en des nachts in een knusse slaapzaal de brits bekruipen. Als er dan iemand een ruitje intikt, heeft ie direct een opstoot of nekslag te pakken. Weg probleem! Het laatste puntje: ieder jaar is er een exploitatie-tekort van zes-en-een-halve-ton. Lust u nog peultjes! Dat lijkt me niet de bedoeling. Afgelopen week las ik dat er nu al, we zijn nog niet op 5% van Leidsche Rijn, 55 miljoen bezuinigd gaat worden. 10 Miljoen kan op het watersysteem worden beknibbeld en 5 miljoen op de aanleg van de Rijn-Kennemerlaan. Het is toch pijnlijk dat nu al het mes gezet gaat worden in harde planonderdelen. De financiele risico?s worden met de dag groter. Er moet nog zoveel grond worden aangekocht, de markt wordt al een beetje minder happig, infrastructuur wordt duurder, er is bijna 10 miljoen teveel uitgegeven aan extern advies. Wat is de volgende stap, dat we het Centrale Park gaan uitkleden? Maar, voor we ons echt zorgen gaan maken houden we ons nog even vast aan de sussende woorden van de verantwoordelijke bestuurders. We moeten ons pas echt zorgen gaan maken als er plots een bord staat in de tuin van het wijkbureau met de woorden: Wegens omstandigheden TE KOOP!

woensdag 1 maart 2000 (19)

Wethouder

O jee, o jee, het valt allemaal niet mee! Een vreemde zin om een verhaaltje mee te beginnen, maar toen ik de afgelopen week de kranten las, neuriede ik vanzelf deze regel. Een of andere bolleboos heeft geroepen dat we in 2005 een overschot aan woningen krijgen in deze regio. Ik ontvang dan meteen het beeld van twee wethouders die aan een kopje koffie dezelfde krant doornemen. Ze lezen het bericht en verslikken zich spontaan in hun bakkie troost! Een toegesnelde secretaris, geschrokken van het geluid – zou het de wethouder nu echt teveel geworden zijn – biedt met water en het kloppen op de rug soelaas. Ben je, ondanks alle problemen, iedereen aan het overtuigen dat je op de juiste weg zit met Leidsche Rijn, staat er weer iemand op om je vakkundig bij de knieen af te zagen. Het lijkt me voorwaar geen pretje. Als de koffievlekken zijn weggewerkt, belt de eerste wakkere journalist:?wethouder, wanneer gaan we stoppen met bouwen?? is de dodelijke vraag. Na een minuut verdoofd zwijgen komt het antwoord, ingefluisterd door een stressbestendige adviseur: ?Nee hoor, die berichten krijgen we ieder jaar wel een keer, die huizen zijn echt nodig?. Zo, daar hebben we ons weer handig uitgedraaid! Het lijkt me werkelijk verschrikkelijk om verantwoordelijk te zijn voor de bouw van zoveel huizen en kantoren. Ik kan de berichten dan ook best begrijpen dat wethouders zich onderbetaald voelen. Ze willen minimaal 95% van de burgemeesterswedde. Dan zijn ze mijns inziens nog bescheiden. Voor nog geen 5 ton netto liet ik me verleiden tot zo?n hondebaan. Hoe het toch steeds weer lukt een aantal personen zo gek te krijgen verbaast me zeer. Waarom zou je zoiets willen. Moet je massogist zijn, onovertroffen ijdeltuit, machtswellusteling of gewoon prediker die heel erg overtuigd is van de juistheid van zijn of haar politieke stroming? Het is zo?n uitglijbaan. Als je een keer een Chateau d?Yquem van een soepel jaar laat aanrukken -in plaats van een zurig huiswijntje omdat je na een dag vol tegenslagen eens tot je zelf wilt komen tijdens een hapje eten in de stad- ben je direct verdacht. Het wordt overigens hoog tijd de democratie te vernieuwen. Ik las dat er een nieuwe voorzitter is van D?66 afdeling Utrecht. Een belangrijke taak was het samenvoegen van de afdeling Utrecht met die van Vleuten-De Meern. Utrecht heeft ongeveer 300 leden, de kring Vleuten-De Meern telt er 24! Ja, laten we daar eens een projectje van maken. Ik was ooit bestuurslid van een zieltogende sportclub uit Vleuten, maar die had wel meer leden dan de twee afdelingen van D?66 samen. Laten de sportverenigingen maar mee gaan doen aan de verkiezingen. Dan kunnen ze wat betreft de verplaatsing naar het Centrale Park het heft in eigen hand nemen. Voor je er erg in hebt ben je behalve voorzitter ook nog wethouder!

woensdag 15 maart 2000 (20)

Dialoog

?Zeg H., heb jij maandagavond tijd om samen met mij een mooie kraak te zetten??. ?Sorry C., daar heb ik origineel geen tijd voor. Je weet toch da?k iedere laatste maandagavond van de maand een vast roofadresje heb. Das zo?n mooi klauwputje! Laat ik voor geen goud schieten. Heb me al 64 computers opgeleverd. Nie van die galbakkies, maar fonkelnieuwe dinkies. En easy dat het gaat! Trouwens, normaal vang ik een ruggie of twee voor een aardige computer, maar hier beurt ik standaard drie poeperts voor. Ze schijnen van ambtenaren geweest te zijn en dan zit er weinig sleet op. Verder zijn ze altijd net iets luxer dan bij gewone bedrijven. Heb met ARBO te maken, of zoiets?. Maar H., hoevaak heb je daar dan al een lik uit de honingpot genomen??. ?Laat me eens denken C. Ze zijn nu een maandje of 8 open, dus, 8 keer!?. Wacht effe H., je zit me nu af te zeiken. Jij gaat me niet vertellen dat je daar gewoon iedere laatste maandagavond van de maand, al 8 keer achter elkaar, hetzelfde kunssie heb geflikt. Je lult wel tegen dikke C.?. ?Ziet ik zo bleek soms C., ik zou je nooit dollen over zoiets. Ik begrijp er ook de barsten niet van. Ze zetten nog net de deur niet voor me open, maar verder is het alsof ze er wel lol in hebben dat ik op vaste tijden langskom. Vergis je natuurlijk niet, het benne en blijven ambtenaren. Dus zonder computer kennen ze geen mallemoer. Kennen ze lekker een dag of wat die grijze klomp op ijs zetten. En ja, das natuurlijk kaassie voor die gasten?. Maar H., ze hebben toch wel iets gedaan om de boel dicht te rammen??. Tuurlijk C., Na de derde keer kwam er een hek bij de ingang. Maar die route gebruikte ik heel niet. Na de vierde keer stonden er paaltjes voor de ramen, je kent ze wel, die ramkraak dingen. Maar ik was nog nooit met me wage door de pui gegaan. Das iets voor boze steuntrekkers als ze hun poet nie krijgen, maar zo werk ik niet. Bij de zesde keer hadden ze tegels vervangen door kiezels. Ofdat ik ooit een tegel door die ruit had geflikkerd. Daar heb ik die speciale ploertedooier voor, je kent hem wel?. Ok H., ik vat ?m. Maar ze hebben toch wel stil alarm, of nachtbewaking?? Kijk C., dat alarm is er wel. Maar jij en ik weten toch al jaren dat je dan minimaal een minuut of 7 hebt. Ik mag dan wel 45 zijn, maar die computers staan met 3,5 minuut in de wage. En verder, nachtbewaking is veel te duur. Heb ik eens uitgezocht. Bij een gemeente is het makkelijker om geld te regelen voor nieuwe computers dan voor vaste dingen. Kijk, je mot natuurlijk wel je huiswerk doen voor je aan zulke kraakies begint. En, ik hou de kranten altijd in de gaten. Dan lees ik na een kraak precies wat ze gaan doen. Ik check dan of dat ook klopt. Nu las ik wel iets over nachtbewaking. Je snapt dat ik de komende dagen die gasten effe ga uitchecken. Tien tegen een dat ze maar wat aanlullen. Dus C., zoek jij maar iemand anders, ik denk dat ik op die avond gewoon kraakie 9 gaat zetten?.

woensdag 29 maart 2000 (21)

Oranje Boven

Zo, Leidsche Rijn bestaat nu eindelijk officieel! Nu Beatrix, zonder laarzen, de grond van Parkwijk heeft betreden, kunnen we wat rustiger gaan slapen. Onze koningin heeft toch een geweldig positieve uitwerking op mensen. Trouwens, niet alleen mensen. Het kan toch geen toeval zijn dat juist nu zij hier was, de zon haar eerste lentewarmte afleverde aan de grootste bouwput van Europa. Maanden van modder, het was als bij toverslag verdwenen. Beatrix toverde op de meest verstokte pessimist een tevreden glimlach. Ik heb een aantal Leidsche Rijn professionals werkelijk voor het eerst zonder zorgelijk gezicht gezien, en, het stond ze goed. Zelfs bewoners die hier alles hebben moeten inleveren; hun grond, hun bedrijf, hun verleden en zelfs hun geloof in de goedheid van mensen, heb ik zien lachen en zwaaien naar de Koningin! Dit gegeven moet toch bij republikeinen voorgoed de wind uit de zeilen nemen. Het was opmerkelijk om te zien hoe goed Beatrix met kinderen kan omgaan. Als de mannen in krijtstreep en de vrouwen met iets te veel briljanten even met elkaar (of vooral zichzelf) bezigzijn, gooit Beatrix haar pantser af. En ik altijd denken dat Beatrix niet spontaan zou zijn, zich het liefst bewoog in de kringen van ambtsdragers. Niets is minder waar. Waar genoemde krijtstrepen en mantelpakjes bij hun officiele plantplaats bleven babbelen, trok Beatrix, omstuwd door een schare uitgelaten kinderen, het hele toekomstige park door. Een kind dat achteraan stond, werd door de koningin even naar voren gehaald. Die een aai over haar bol, grapjes makend met een ander. Heerlijk losjes en spontaan, precies wat we in Leidsche Rijn nodig hebben. Het zou een prima idee zijn om ieder jaar bij het begin van de lente de koningin naar Leidsche Rijn te halen om een of andere plichtpleging te doen. Een aanleiding zal zich eenvoudig aandienen, want er moeten hier nog heel wat eerste palen worden geslagen, parken geopend, wegen in gebruik genomen en bruggen worden overgestoken. Het zou een mooie traditie zijn. Iedereen kan zijn kop dan leegmaken. Alle opgebouwde stress van de winter, alle ellelange vergaderingen met bewoners of bijeenkomsten met ambtenaren; na een middag Beatrix is alles vergeten en vergeven en kan er een frisse lentestart worden gemaakt. De monarchie als smeerolie van de samenleving, daar moeten we dus zuinig op zijn. Want u denkt toch niet dat Kok, als president, dezelfde uitwerking heeft op mensen! Het was trouwens sowiezo een goede dag voor de koninklijke familie: Willem-Alexander sloot na een week hard buffelen de Wereld Water Conferentie af en iedereen was vol lof. Zijn Maxima heeft nu zoveel vertrouwen in de relatie dat ze in de buurt komt wonen, en prins Claus kwam na een paar dagen ziekenhuis weer aan op het paleis in Den Haag. Oranje boven dus!

woensdag 12 april 2000 (22)

‘Trits en muis’

Ik heb al vaker gesproken over de wandelingen met mijn zoontje Daan. Inmiddels is hij 20 maanden oud en een hele bink. Het gekraai in de rugdrager heeft plaatsgemaakt voor hele gesprekken en wandelen aan het handje. Als ik zijn jas aandoe, schreeuwt hij: ?papa Daan buiten?. Ja jochie, we gaan lekker naar buiten! We zijn de straat nog niet overgestoken, of het is feest: de huisdieren van de overburen. Hond Trix en Kim worden toegegild: ?Trits en Muis toe?. Zeker als hij kat Rood in het vizier heeft, rest niets anders dan kijken of het hek open staat. ?Aaien, Rood aaien, papa nu?.En het hek staat altijd open, en anders doet buurvrouw Agnes het hek voor ons open. Wat er ook is, druk of niet druk, Daan mag Rood aaien, altijd. En steentjes rapen en lekker rondkeutelen. Als de kleinkinderen er zijn, dan wordt daarmee gespeeld. Sander is bijna vier, maar die vindt het prima, spelen met de kleine Daan. ?Kan Daan al op mijn nieuwe fiets??, en hij biedt zijn grote trots eigenhandig aan. Liz is de kleindochter en ietsje ouder. Ook zij is helemaal gewend aan de nieuwe kinderen in de buurt. Ze neemt de knuffels van Daan stralend in ontvangst. Een paar jaar geleden was het bij opa en oma veel rustiger. Ze woonden in een fijn huis, aan een mooie dijk, midden in de polder. Overal bloemen en bomen en dieren. Lekker spelen in het veld. Toen was daar plots het bericht dat aan alles een eind zou komen. Er moesten 30.000 huizen gebouwd, en de eerste 5.000 zo?n beetje in de voor-, achter- en zijtuin. De eerste ?nieuwe? mensen wonen hier anderhalf jaar, maar blijven voor veel ?oude? bewoners toch degenen die de briljante omgeving hebben omgevormd tot een woeste steenvlakte. Behalve voor onze overburen, die geven iedereen een kans. En dan hoor ik de mannetjes en vrouwtjes van het projectbureau weer roepen:?Ze moeten niet zo zeuren, die ?oude? bewoners. Hier wordt een stad gebouwd! Dan verkopen ze de hut toch, die is nog veel meer waard geworden ook?. Armoede van geest, denk ik als ik dat hoor. Maar, hoe armer de geest, hoe meer er lukt. De oude bewoners zijn nu snel in de minderheid, hun stem wordt zachter en zachter. Nog even, en hun geluid is voorgoed verstomd. Veel zijn al vertrokken, anderen volgen. Vandaag kwam het bericht dat de gemeente nu ook zal proberen het huis van Agnes, Karel, Sander, Liz, Trix, Kim en Rood te kopen. Na jaren duwen tegen de gummi muren van de gemeente zijn sommige lichten wakker geworden en hebben eindelijk ingezien dat een bepaald bochtje niet genomen kan worden door de auto. De tuin moet weg en wellicht het huis. Jaren van ellende, van steeds een stukje inleveren, je toch steeds weer opbeuren, het blijkt onvoldoende. Je mocht blijven en zelfs de nieuwe buren vielen mee. Maar omdat een stelletje stedenbouwers met slechte meetlinten hun arbeid niet verstaan, kan je alsnog de biezen pakken. Soms vraag ik me af waar de schaamte is gebleven. Die is kennelijk verdwenen, stukje bij beetje, na iedere ton gestort cement. Zou er nog iemand zijn met lef, die na al die jaren van struisvogelpolitiek bij onze overburen de werkelijke achtergond verklaart van het gesol? Laat diegene dan ook het lef hebben om mijn zoontje uit te leggen waar strakjes ?Trits en Muis? gebleven zijn.

woensdag 26 april 2000 (23)

Paasgedachte

Een fijn paasweekeinde gehad? De kans daarop zou groot moeten zijn met de Leidsche Rijn Marathon en vooral Paasrock in Azotot. Ik vrees echter dat veel ?pas opgeleverde? Leidsche Rijners hun tijd hebben verdaan op een overvolle meubelboulevard. Ieder zijn meug zullen we maar zeggen. Omdat dit stukje altijd een week voor plaatsing bij de krant moet zijn, heb ik het lange paasweekeinde nog voor me. En als ?eigen baas? heb ik goede vrijdag direct bestempeld als verplichte vrije dag. Dat wordt dus vier hele dagen relaxen, en dat is broodnodig ook. De afgelopen winter, hoe slap hij ook was, heeft mij veel te lang geduurd en daar wordt ik altijd wat narrig van. Zoiets slaat dan automatisch terug op bijvoorbeeld deze stukjes. De botte bijl blijft meest van tijd wel in de kast, maar het even lethale fileermes wordt dan met graagte gehanteerd. Mijn haat–liefde verhouding met Leidsche Rijn en haar medewerkers kan dan gemakkelijk en nadrukkelijk richting de slechte zijde overslaan. Nu koning winter definitief de mond is gesnoerd en de blaadjes weer aan de bomen hangen, is het veel gemakkelijker de liefdevolle zijde te hervinden. Van mijn kant dus geen gezeur over lankmoedig beleid van bestuurders, slakkengedrag van ambtenaren of visieloos gereutel van professionals: niets van dat al. Geen aanleiding daarvoor? Och, wie zoekt zal vinden. Maar als de lente echt in de lucht hangt, ben ik daar niet meer mee bezig. En er is iets te vieren. Afgelopen week werd duidelijk dat het gezellige dijkhuisje van ons overburen gewoon blijft staan waar het al vele decennia prima staat. De gemeente is gaan praten, maar de bewoners willen niet weg. De gemeente zal zich hier nu definitief bij neerleggen. Voorwaar een verstandig besluit! Zou ergens het besef zijn ingedaald dat deze huizen zorgen voor de broodnodige rustpunten in deze overvolle nieuwbouwwijk of was het slechts het besef dat er juridisch geen grondslag is voor een onteigening. U weet, ik ben positief gestemd, dus ik houd het op een combinatie van hervonden omgangsvormen en het besef dat een groene tuin beter oogt dan een lelijk stuk weg. En, ik weet zeker dat de mensen die het gesprek moesten voeren, ook geen voorstanders waren van slopen. Maar ja, de boodschapper is wel vaker het mikpunt van hoon en spot. Er is nog een reden voor feest: na anderhalf jaar heeft bouwer Wilma een aanvang gemaakt met het afwerken van de laatste opleverpuntjes. Het is dan nog geen Koninginnedag, maar een driewerf hoera is zeker op zijn plaats. Nu moet ik oppassen dat de stemming niet al te positief wordt, want er is nog sprake van enige voetangels en klemmen. Men wil de scheef afgewerkte woonkamervloer wel uitvlakken, maar dan moeten wij zelf het parket demonteren. Zij plaatsen de vloer dan vakkundig retour … na de droogtijd van een week of wat! Maar u wist het al, van mij geen klacht. Wij gaan gezellig eitjes schilderen, vier hele dagen lang.

woensdag 10 mei 2000 (24)

Imago

Afgelopen week ontving ik van een nichtje het gehele archief van haar vader, mijn oom. Bij leven kende de man zijn gelijke niet op het gebied van de Public Relations. Omdat ik ook iets doe op dat gebied, maakte dat de uitverkiezing tot archivaris logisch. De afgelopen avonden heb ik ademloos honderden brieven gelezen. Speeches of adviezen, geschreven voor een paar dozijn van Neerlands topondernemers. Voor zijn dood hebben we natuurlijk regelmatig over dat lastige vak zitten bomen. Ieder gesprek leverde zodoende lessen op die op geen school ter wereld worden gedoceerd. Het lezen van al die prachtige zaken werd direct een opfrissingscursus: het was weer rap duidelijk dat er nog voldoende overblijft om aan te werken. U zult zich afvragen, waar wil hij met deze inleiding naartoe. Dat zal ik u zeggen. De basisbegrippen van het communicatievak heb ik dus mogen leren van een topper en zijn bijzonder eenvoudig: probeer een slecht product nooit ?goed? te praten. Dat heeft geen zin. Slechte producten zijn niet om verkocht te worden, maar om niet geproduceerd te worden. Ga uiterst zorgvuldig om met een imago. Een imago is een beeld, maar moet altijd een beeld zijn van de werkelijkheid, geen beeld van iets dat er niet is. Anders zou het wel fata morgana heten. Veel bedrijven doen niets aan hun imago. Die hebben toch een imago. Het imago van een bedrijf dat niets doet aan het imago. Er zijn nog veel meer bedrijven die slechts beschikken over een fata morgana: je denkt dat er iets is, maar er is niets, althans, er is niet wat je dacht dat er was. Aan die bedrijven hebben we net zoveel als aan twee bedrijven waar we niets aan hebben; weg ermee! Hoe kom ik nu weer terug bij Leidsche Rijn, want daar word ik tenslotte voor betaald. Leidsche Rijn heeft nog steeds geen helder imago. Dat is ook lastig, want het bestaat pas voor 5%. Het enige beeld dat er in zo?n prille fase kan zijn, is het imago waarmee Leidsche Rijn van de tekentafel is geschoten door de plannenmakers, echter, inmiddels gecombineerd met het gevoel dat bewoners opdoen nu ze hier wonen, werken, de hond uit laten, met de auto rijden en boodschappen doen. De verschillen tussen die twee beelden, komen weer bij de doelgroep terecht. Gaat het bij dat imago dan om mooi en lelijk? Neen! Wat is trouwens mooi en wat is lelijk? Lelijk is schoonheid die door de mand valt. Lelijk is als we ons gevoel voor schoonheid verliezen. Schoonheid op zichzelf bestaat evenmin. Schoonheid is immers slechts gelegen in het oog van de waarnemer. In het engels klinkt het veel mooier:?beauty is in the eye of the beholder?. Het gaat eerder om de functionaliteit, om de basiszaken, hoe het voelt. Van Leidsche Rijn begint inmiddels een wat moeizaam beeld te ontstaan. Niet in de minste plaats door de discussie dat VINEX slechts kleine huisjes zou betekenen. Verder ontstaat het beeld dat Leidsche Rijn straks voor auto?s onbereikbaar zal zijn: je komt er niet in en je komt er niet uit. En als je er bent, kan je er niet parkeren en is het te druk op straat. Is dat erg? Ja, dat is erg! Kan je daar verandering in brengen? Ja, dat kan en is kinderlijk eenvoudig: niet door het beeld te verbeteren, maar het product!

woensdag 24 mei 2000 (25)

Utrecht!

Vorige week was de lang verwachte behandeling van het gewraakte annexatievoorstel in de Tweede Kamer der Staten Generaal. Een voorstel dat de Vleutense en Meernse gemoederen reeds jaren bezig houdt. Jan Westra en Annie Brouwer schijnen gebroederlijk naast elkaar op de publieke tribune te hebben gezeten, omringt door wandelaars van de ?anti-annexatiemars?. Werd er aan het begin van dit jaar nog door duizenden mensen actiegevoerd op het dorpsplein van Vleuten, nu stond Herman Bode met een kleine honderd mannen en vrouwen op het plein voor de Tweede Kamer. Het onderwerp is belangrijk, maar het moet wel leuk blijven, zal men hebben gedacht! De uitslag van de anexatie is inmiddels helder: op 1 januari 2001 zal Vleuten-De Meern ophouden te bestaan. Uiteraard ijs en weder diende in de Eerste Kamer, die zouden het wetsvoorstel nog richting prullenbak kunnen dirigeren. Mijn inschatting? Ik denk niet dat de Eerste Kamer dwars gaat liggen. Twentestad mocht men afstemmen, daar zat niemand op te wachten. Maar de Utrechtse lobby is vele malen krachtiger. Tegen elk argument van Jan Westra of Herman Bode slingert Annie Brouwer c.s. er een paar tegenin. En, doet mijn persoonlijke mening nog ter zaken? Niet echt. Of de persoon in het stadhuis nu door Utrecht of door Vleuten wordt betaald doet mij weinig. Voor mij is het veel belangrijker of de bouw van Leidsche Rijn zorgvuldig gebeurt. Bijna niemand in Vleuten wil bij Utrecht horen, dat is een kwestie van geld en gevoel, maar zou men niet beter energie kunnen stoppen in iets dat wellicht belangrijker is? Kennelijk zit men in de dorpen er niet mee dat de oude polders worden volgebouwd. Als we maar zelfstandig blijven. Flats aan de Hof ter Weydeweg? Prima. Als we er maar als Vleutenees op uit kijken, en niet als Utrechter. De grenzen in de wereld vervagen, maar de hang naar zelfstandigheid op de vierkante meter wordt omgekeerd evenredig groter. Voor mij maakt het allemaal niet zoveel uit, het wordt echter steeds treuriger. Kon ik voorheen nog zeggen dat ik ben geboren in Utrecht en heb gewoond in achtereenvolgens De Meern, Vleuten en weer Utrecht, nu zal ik moeten toegeven nooit in een andere gemeente dan Utrecht woonachtig te zijn geweest. Het aantal adressen mag dan lang zijn: Koningslaan, Walravenstraat, Odenveltpark, Boerhaaveplein, Justus van Effenstraat, Koningsweg, Kovelaarstraat, Breedstraat, JP Coenstraat, Telderslaan, Schroeder van der Kolkstraat, Hartingstraat en nu het Klifrakplantsoen, maar spectaculair is duidelijk anders. Veertien adressen in twee en dertig jaar. Dat is gemiddeld 27 maanden per adres. Ik woon hier nu 16 maanden, en ben statistisch gezien qua wonen in Leidsche Rijn ruimschoots over de helft. Een vreemd idee; het huis is nog niet klaar maar cijfermatig zouden we voorzichtig aan verhuisdozen moeten gaan denken. Op naar het vijftiende huis en de kans is nu nog groter dat ook dat huis in Utrecht zal staan.

woensdag 7 juni 2000 (26)

Voetjebal!

Er is de afgelopen twee weken weer veel gebeurd in Leidsche Rijn. Allereerst is in die periode de Langerakbaan voorzien van de definitieve asfaltlaag. Wat een verschil. Alle stoepen zijn aangelegd, de fietspaden, de witte pijlen en de haaientanden. Het ziet er prachtig uit. Vooral als je kijkt vanaf de brug bij het Klifrakplantsoen richting flats. Ik kan het iedereen aanraden om dat blik eens te werpen. Dat was tevens de plek waar afgelopen week onze boomlange kroonprins het watersysteem in werking stelde. De handeling vormde het sluitstuk van het zoveelste gezellige evenement in het nog jonge Leidsche Rijn, het waterfestival. Kinderen met kano’s in het water langs de Langerakbaan. Een leuk gezicht. Zeker de taferelen als er weer een bootje omsloeg en de kinderen onder de drek de kant opkropen. Het kroonprinselijk bezoek was praktisch gezien ook bijzonder nuttig. Bleek vorige week een autowasplaats, belangrijk voor het unieke watersysteem, nog verder weg dan ooit -terwijl de wethouder dacht dat ze er al lagen- inmiddels is duidelijk dat over drie weken het eerste exemplaar daadwerkelijk gebruikt kan worden. Dat is vooral een goede ontwikkeling voor het behoud van onze auto, die kan nu eindelijk milieuvriendelijk worden gewassen. Ook de archeologen deden weer van zich spreken. Dit keer legde men een complete 12e eeuwse eg bloot, de enige die in deze staat ooit uit Neerlands bodem is gekomen. Een week eerder vond iemand bij toeval in Houten een flink gedeelte van een Romeinse grafsteen. Het ding blijkt oorspronkelijk ook uit dit gebied afkomstig te zijn en werpt weer een volledig nieuw schijnsel op de Romeinse activiteiten rond het Meernse Castellum. Ze waren hier kennelijk eerder dan gedacht en waren op dat moment ook nog op een veel hoger ‘ontwikkelingspijl’. Ook in de laatste week kwam de gemeente Utrecht af met het plan van eisen rond de restauratie van de Groenedijk. Wat eerst nog leek op het welbekende doekje voor het bloeden is inmiddels omgetoverd tot een waardig verhaal. Op wat kleine details na is de Utrechtse projectleider Monique van Kampen erin geslaagd de wensen van bewoners, historische verenigingen en monumentenzorg om te zetten in goede aanpassingen. Daarvoor verdient ze veel lof want het is niet gemakkelijk om iets wat enkele maanden geleden nog onmogelijk leek, toch voor elkaar te boksen. De drukte van de afgelopen weken vormen duidelijk de voorbode van de aanstaande zomer. We moeten nu alles even snel afhandelen, want straks is iedereen met andere dingen bezig. In mijn geval duik ik een paar weken onder en wens ik tussen 18.00 en 23.00 uur niet te worden gestoord. Ik heb hetzelfde gevoel als in 1988, das het worden schitterende weken. Toen was ik nog student, en beleefde we de wedstrijden van het Nederlands Elftal met elkaar in studentenhuizen in kroegen en op pleinen. Na de zege op Duitsland (Koeman op Wouters, tikkie op Van Basten en een kansloze doelman Iemel) waren we met duizenden op ’t Wed in Utrecht tot de vroege morgen. Het enige dat nog mist aan Leidsche Rijn is een feestplein. Voor als we kampioen worden. Dus, stoor mij niet. Vanaf nu is het VOETJEBAL!

woensdag 21 juni 2000 (27)

Beeld

Vandaag de laatste column voor het zomerreces. Helaas kan ik u de komende tijd niet bijpraten over de verrichtingen van onze voetbalmannen. Misschien is dat -gezien de wedstrijd tegen de Tsjechen- maar beter ook. Zulke avonden kosten mij maanden van mijn leven, dus laten we hopen dat ze de Denen met een nulletje of vier van de mat hebben geveegd. Dan heb ik tenminste een goed weekeinde gehad. De A2-perikelen worden steeds ingewikkelder. Nu gaat Europa er zich weer tegenaan bemoeien. Althans, volgens een bericht van de gemeente Utrecht liggen er ‘opeens’ nieuwe milieueisen vanuit Europa, waardoor of de A2 over 2,2 kilometer moet worden overdekt, of toch volgens de DoDo variant (dicht-open), maar dan is er wel een aanpassing van de plannen nodig. Er zal dan anders en minder gebouwd moeten worden, om ervoor te zorgen dat er geen gevaar is voor de volksgezondheid. Ik hoop dat de plannenmakers een wijs besluit zullen nemen en niet zullen kiezen voor de ‘Zwitserse’ variant. Buiten het feit dat zoiets volstrekt onbetaalbaar is, laat ik me nog door geen acht paarden een tunnel van 2,2 kilometer in slaan. Kijk, Zwitserland laat ik omwille van de vele tunnels graag links liggen. Het zou wat zuur zijn om dan nu een onvermijdbaar stukje Zwitserland om de hoek te krijgen. Ik ben dus benieuwd of men de psychologie van de tunnel mee laat wegen in de besluitvorming. Gerust ben ik daar overigens niet op. De volledige overkapping is nog een ideetje van ons aller Riek Bakker. En, kom niet aan de ideetjes van Riek. Het Orakel van Rotterdam houdt er niet zo van als er gemorreld wordt aan haar stedenbouwkundige uitgangspunten. Een voorbeeld. Binnen het concept ‘duurzaam veilig’ zijn rotondes de veiligste oplossing voor kruisingen tussen woonstraten en gebiedsontsluitingswegen (lees stadsassen). U weet, rotondes ‘mogen’ niet in Leidsche Rijn. Ze ‘passen’ namelijk niet in het beeld, en, het ‘beeld’ is heilig. Net als bij de discussie over ‘foute’ Gammaschuttingen op de Skageraklaan. Ik ben ook niet gek op schuttingen. Maar we leven wel in Holland, en daar wil iedereen privacy in de achtertuin. Als de architect vergeet daarvoor een oplossing te bedenken, krijg je vanzelf schuttingen. Dat mag je de bewoners amper aanrekenen. Neem de parkeerplek. Als je ze onvoldoende aanlegt, betekent dat niet dat iedereen zijn auto verkoopt. Of ze nu passen in het beeld of niet. Hetzelfde geldt voor de woninguitbreiding. Ook dat past niet in het beeld, dus liever niet doen. Dit geeft natuurlijk te denken. Persoonlijk ben ik erg benieuwd hoe lang bewoners nog in het beeld passen. Soms schrik ik ’s nachts wakker uit een verschrikkelijke nachtmerrie. Dan droom ik dat ik naar de postbus wandel en Riek me opwacht met twee politieagenten. Vervolgens word ik gearresteerd op esthetische gronden. Als ik volledig in paniek het busje wordt ingeladen en vraag wat er mankeert aan mijn driedelig grijs zie ik verschrikt de aanleiding. Witte sokken! Ik heb witte sokken aan! Ja, dan ben je natuurlijk zwaar in overtreding. Overigens schreef ik jaren geleden, in mijn jeugdige overmoed, een brief aan Riek Bakker over kasteelterrein Nijeveld te Veldhuizen. Geschrokken van de plannen had ik een fotocollage en tekeningen gemaakt hoe deze voormalige Ridderhofstad beter in te passen. Antwoord heb ik nimmer gekregen en we kennen het resultaat. Maar, laten we eerlijk zijn, het begrip ‘beeld’ is slechts aan een selecte groep toevertrouwd. Anders zou het maar een zooitje worden.

woensdag 13 september 2000 (28)

Veilig

Eindelijk, eindelijk is het zomerreces weer voorbij (en de zomer ook!). De pen is roestig, maar toch zal ik mijn best doen, om de week een beschouwing te geven op het leven in het alsmaar groeiende Leidsche Rijn. In mijn vorige verhaaltje was EURO2000 nog maar net begonnen. Inmiddels hebben we die kater reeds lang verwerkt. Frank (zeg Frenk) ging en Louis kwam. Gezien de wedstrijd tegen de Ieren moeten we nog maar zien of dat een verbetering inhoudt. Genoeg nu over voetbal. Nog even, en we zijn gedwongen hele nachten de verrichtingen van ‘onze’ en andere atleten vanuit Sydney te volgen. Dat wordt voor mij een regelrechte ramp. Hoe moet ik mijn winkeltje draaiende houden, mijn gezinsleven niet verwaarlozen en voldoende slaap genieten? Daarom moet onze ‘waterprins’ (beschermheilige van het watersysteem in Leidsche Rijn en tevens IOC-lid) zijn macht nu snel aanwenden om de Olympische Spelen voortaan slechts aan een land te gunnen dat zich binnen onze tijdzone bevind. Er is nog steeds voldoende corruptie binnen het IOC, dus zoiets moet te regelen zijn. Tijdens Calgary 1988 studeerde ik nog, dus waren de nachtelijke TV-uren geen bezwaar. Een college ‘planologisch onderzoek’ was makkelijk in te halen. Als ik soms nadenk over Leidsche Rijn vrees ik dat de verkeerskundigen die er aan werken ook teveel nachtelijke uren Olympische Spelen hebben gekeken en zodoende teveel colleges ‘verkeerskunde’ hebben gemist. Kennelijk zijn die wat lastiger in te halen. Nu is de Nederlander bij geboorte de grootste zeurpiet ter wereld, maar het wijkbureau wordt gek van de vele telefoontjes van ongeruste bewoners over het rijgedrag alhier. Nu lenen de wegen in Langerak zich prima om te scheuren (ondanks het zogenaamde ‘keurmerk’ Duurzaam Veilig), maar dat pleit de ‘scheurder’ niet vrij. Zo nu en dan probeer ik mensen te wijzen op hun rijgedrag. De reacties die je dan krijgt, zou je moeten vastleggen op video. Kan zo de ether worden ingeslingerd bij SBS of RTL. Mannen in keurige pakken en stijlvolle auto’s werpen zonder schroom hun masker af en blijken hufters van het zuiverste water. Bestuurders van besteldiensten met zeer keurige namen (ik zal geen namen noemen, dat is niet correct) springen na een voorzichtige opmerking over rijgedrag pardoes de auto uit om de conversatie tot op 5 centimeter van je gezicht te brengen. Laat ik zwijgen over sommige chauffeurs van de bedrijven die hier al vanaf het begin bezig zijn met de inrichting van de openbare ruimte. Hekken ter bescherming van prive-eigendom worden zonder blikken of blozen omver gereden. Verbodsborden voor bouwverkeer, die gelden niet voor bouwverkeer. Zeg maar niets, want een klap voor je bek kan je krijgen. Ik ben dus benieuwd hoe lang het duurt voor ik met een blauw oog rondloop. Natuurlijk, het overgrote deel van de bewoners houdt zich netjes aan de regels. Het is altijd de eigenheimer die het nodig maakt drastischer maatregelen aan te wenden: de verkeersdrempel. Nog even en de eerste proeven met drempels worden genomen. Misschien een beetje lang gewacht. In Veldhuizen werden ze direct aangelegd. In Langerak moeten we met alles wachten op de goedkeuring van de stedenbouwkundige. Die heeft het niet op drempels. Das niet mooi genoeg. Zelf vind ik veilige straten mooi zat.

woensdag 27 september 2000 (29)

Haast

Zoals u misschien weet, ben ik helemaal wauws van technische snufjes. Hebbedingetjes, waarvan ik altijd hoop dat ze mijn leven vereenvoudigen. Op electronisch-agenda-gebied heb ik alles doorlopen. Alles gekocht, alles getest, en?te licht bevonden. Er bestaat nog niets dat het leven vereenvoudigd, het maakt het leven slechts complexer en chaotischer. Gelukkig vormen zulke constateringen direct de aanleiding om weer terug te gaan naar de ‘ouderwetse’ agenda met even ‘ouderwetse’ vulpen. Inmiddels ben ik derhalve, naast alle defecte electronische broeders, in het bezit van veel te dure lederen agenda’s in alle formaten, een volledige collectie Mont Blanc Meisterstuck, een setje gouden Cross pennen en nog talloze andere toppers die slechts lopen op inkt of grafiet. Uiteraard tot er zich weer een nieuw digitaal vriendje aandient, dan verdwijnt het leer en de inkt weer in een la. Op het gebied van mobiel communiceren heb ik gebruik gemaakt van piepers, pagers, kermits en inmiddels zes verschillende mobiele telefoons. Op dit moment bedien ik me van een fijne ‘wapper’ van Nokia, maar ik kan niet wachten op de eerste UMTS-er. Met mijn gezin verblijf ik weer eens een midweek op ons favoriete eiland. Heerlijk, maar u dacht toch niet dat ik weg ben gegaan zonder op drie verschillende manieren via e-mail contact te kunnen leggen met kantoor, mijn clienten of bijvoorbeeld de bestuursleden van de bewonersvereniging Leidsche Rijn? Na een heerlijke middag in de weldadige herfstzon heb ik na het eigenhandig bereidde eten even de e-mail doorgenomen. Ik lijk wel gestoord. Hoe debiel moet een mens toch in elkaar zitten om altijd maar door te willen werken. Zelfs op de meest onthaaste plek van Nederland afmeren met al die ‘verworvenheden’ van de moderne samenleving. Inderdaad, dat slaat dus nergens op. Ok, vandaag zal ik dit verhaaltje nog aftypen, maar vanf morgen stop ik ermee. De telefoon gaat uit en de palmtop gaat de branding in. De atleten in Sydney geselen het tartan, wij zullen de pedalen van de huurfietsen van ‘Soepboer’ geselen, ons verschrikkelijk te buiten gaan aan de overheerlijke bitterballen bij Van der Werff en Daantje alle vogeltjes en plantjes van het duinenrijk leren kenne. Als de kleine aap zijn middagdutje doet, ga ik lekker lezen. Het verhaal van Odyseus, opgetekend door Homerus. Meer dan drieduizend jaar geleden nam men de tijd. Tijd voor het eten, voor het drinken, voor het gesprek en voor de zieleheil. Odyseus moest twintig verschrikkelijke jaren zwerven op zee, voordat hij na de Trojaanse oorlog zijn vrouw, zoon en volk weer terug zou zien. Een hele tijd wellicht, maar hij doorstond de jaren manmoedig. Zo moeten we dat in Leidsche Rijn ook maar gaan bezien. Voordat het een beetje ‘af’ zal zijn, zullen we nog vele jaren veel geduld op moeten brengen. Slechts degene die daar tegen kunnen, wonen in de tussentijd met veel plezier. Ik zal me wat dat betreft meer de ‘Odyseus’ manier moeten aanleren. Prima, maar laten we wel hopen dat de boot van Schiermonnikoog naar Lauwersoog er vrijdag gewoon de gebruikelijke vijfenveertig minuten over doet en niet de twintig jaar van Odyseus. Ik wil best mijn tempo wat in evenwicht brengen met de rest van de mensheid, maar het moet wel leuk blijven.

woensdag 11 oktober 2000 (30)

Winterslaap

Terug van Schiermonnikoog werden we direct weer geconfronteerd met het feit dat we hier nog echt in een bouwput wonen. In de loop van de afgelopen 20 maanden, bewoog de bouw zich steeds verder van ons af. Stukje bij beetje verdween de grootste rotzooi en kon het normale leven weer een aanvang nemen. Jammer maar helaas. Vanaf vandaag begint het weer van voor af aan. Waarom? Wij wonen namelijk op een grens. Niet de grens tussen Vleuten-De Meern en Utrecht, nee, op de grens van Langerak 1 en Langerak 2! Straks zal er van die grens, net als bij de dorpen en Utrecht, geen sprake meer zijn. Nu nog is die grens in al haar facetten voelbaar. Slechts één van die facetten is dus dat de bouw weer terug is bij ons huis. Voor de deur is men begonnen met het poten van een rijtje huizen in de voormalige groentetuin van familie De Rijk (u weet wel, de familie die nog steeds niet weet of ze kunnen blijven wonen waar ze al 40 jaar wonen). Ook al betreffen het slechts 6 woningen, de bouwperiode zal toch minimaal een jaar bedragen. Dat wordt een jaar lang iedere morgen om 6.30 uur wakker op de teringherrie van Radio 538. Wakker van het geronk, getimmer en getier. Gelukkig ben ik na een jaar van vele weekeinden zwoegen bijna klaar met de nieuwe kamer van ons zoontje. Hij verhuist van voor naar achter en van ledikant naar een (al zeg ik zelf) prachtig geconstrueerde bedstee. Laten we hopen dat deze verhuizing net voldoende zal zijn om hem niet vroegtijdig te wekken. Want daar gaat het mij om. Naast mijn hoofd kan probleemloos een brisantgranaat ontploffen. Daar word ik echt niet wakker van. Maar als ons zoontje wakker is, krijgt hij me wel wakker. Kijk, vanaf half acht kan ik alle aandacht bieden. Dat lukt allemaal net. Maar het uurtje tussen half zeven en half acht is voor mij essentieel. Met een beetje geluk betaald het inzicht van vorig jaar (om de muur van zijn nieuwe kamer dubbel te isoleren) zich nu terug en kan ik genieten van een heerlijk rustige winterslaap.

woensdag 25 oktober 2000 (31)

Stemmen!

Nog twee weken, dan kunnen we onze vervroegde gang naar de stembus maken. Vervoegd vanwege de gemeentelijke herindeling. De 8e november komt voor de politieke ‘Die Hard’ een dag na de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Alles bij elkaar een soort katerige afterparty na een lekker nachtje CNN met bier en toastjes. Want laten we eerlijk zijn; de keuze tussen Giesberts en Spekman is toch van een hele andere orde dan kiezen tussen Gore en Bush! Hoe dan ook, een stem uitbrengen tijdens deze gemeenteraadsverkiezingen is nog belangrijker dan normaal. Waarom? Alleen al omdat deze stem geldig is voor 5,5 jaar in plaats van de gebruikelijke 4. Maar er zijn veel meer redenen. Het zijn namelijk de verkiezingen der nieuwelingen. Even het rijtje langs van Utrechtse wethouders die hun aftocht vroegtijdig hebben ingedekt. Allereerst Jaap Zwart, de monumentale wethouder van monumenten en wonen. Die ging medio dit jaar iedereen voor. Zijn opvolger Haitsma zal in een volgend college evenmin terugkeren. Ook de veelgeplaagde verkeerswethouder Kernkamp legt het bijltje er bij neer. Vervolgens gaf het gehele bestuurlijke PvdA smaldeel vooraf aan te zullen stoppen. Tot ziens Ger Mik en Pauline van der Linden. En last, but zeker niet least moeten we onze eigen Leidsche Rijn wethouder Rijckenberg vaarwel zeggen. Blijven over ‘hostel’ wethouder Van Leijenhorst en UCP wonderboy Van Zanen. Dat belooft wat, de komende 5,5 jaar. Bijna alle belangrijke beslissingen moeten straks genomen worden door nieuwe bestuurders. Een ras positivo noemt dat ‘een frisse start’ en een zwartkijker zal er een ontluikend drama in ontwaren. Het is dus heel belangrijk dat iedereen die mag stemmen, ook gaat stemmen. Al die nieuwelingen kunnen wel een steuntje in de rug gebruiken. Het zal wellicht komen door het feit dat mijn ouders de oorlog bewust hebben meegemaakt, dat ze mijn broers, zusje en mijzelf er vroeg hebben ingepeperd altijd te gaan stemmen. Sterker nog, we waren zo trots als een pauw om voor het eerst met eigen stemkaart op pad te gaan. Iemand die op de dag zelf verhinderd was, zorgde ruim op tijd om vader of moeder te machtigen. Je moest wel oppassen wie je machtigde. Het was duidelijk dat vader nooit gevolg zou geven aan een stem op de PSP of PPR en moeder echt geen hokje VVD zou aankruisen. Zelfs de keuze wie je machtigde was dus al menig uur discussie waard. Laat ik nu niet verworden tot zedenpreker, maar het zou wel heel gênant zijn als men op de Balkan met honderdduizenden moet demonstreren voor eerlijke verkiezingen en we hier niet meer boven de 55% opkomst kunnen uitkomen. Wie niet stemt verliest ook zijn recht om te klagen. Wat dat betreft is er nog hoop in Leidsche Rijn: als alle klagers gaan stemmen, zit het met de opkomst geramd!

donderdag 9 november 2000 (32)

Puinhoop

Vanachter de computer staar ik in de puinhoop die een dagje stemmen in mijn kantoor heeft veroorzaakt. De houten vloer heeft zichtbaar geleden onder de honderden natte voeten van de vele honderden kiezers. Toch maakten de enthousiaste reacties, en het lieve briefje van Annie Brouwer, het meer dan waard. Op dit moment is het 22.30 uur op de dag van de verkiezingen. Zojuist is duidelijk geworden hoe men in Utrecht heeft gestemd, en hoeveel mensen in Utrecht hebben gestemd. In ons provisorisch maar enorm gezellig stembureau haalden we een opkomst van 53%. Dat is heel wat meer dan het stedelijk gemiddelde van 43,5%. Dus ook wat dat betreft was de keuze juist om hier een stemlokaal voor Langerak en Parkwijk te starten. Van de 743 stemmers gaf een groot gedeelte aan dat ze niet waren gaan stemmen als er in Langerak geen bureau was geweest. Het was alles bij elkaar een unieke dag. Kennelijk zo uniek dat de hele landelijke pers, inclusief het NOS Journaal, aanwezig was. Dit zonder ook maar een moment te storen, dus wat dat betreft hulde aan de pers. Helaas vormden we voor de medewerkers van het wijkbureau een blinde vlek. Niemand, werkelijk niemand, meldde zich met kiezerspas alhier. Jammer, want voor allen stonden koffie en koeken klaar. De koffie hebben we zelf maar opgedronken, en de koeken gingen naar de vele kinderen uit deze kinderrijke wijk. De vermoeidheid is bij iedereen groot na 14 drukke uren. Natuurlijk, de korte nacht vanwege de Amerikaanse verkiezingen was er mede debet aan. Een uurtje of drie slaap is nu eenmaal kort met zo’n enerverende dag erbij. Daarom ben ik maar thuis gebleven in plaats van zelf de geweldige schok die door het stadhuis van Utrecht trekt, mee te maken. Leefbaar Utrecht heeft een daverende oorvijg uitgedeeld. Als de uitslag van Langerak en Parkwijk maatgevend was geweest, zou de uitslag er als volgt hebben uitgezien:

Leidsche Rijn Utrecht Utrecht totaal
Leefbaar Utrecht 17 14
PVDA 5 7
GroenLinks 5 8
VVD 8 5
CDA 3 4
SP 2 3
D66 1 1
B&G 3 2
ChristenUnie 1 1

Totaal 45 45

De oorvijg voor de PVDA en GroenLinks zou een stuk groter zijn, en er zou feest zijn bij de VVD. Bij Leefbaar Utrecht had men van het café van Henk aan de Mariaplaats, tijdens een orgastisch bal, geen steen op de andere gelaten. Hoe het nu verder moet met Utrecht of Leidsche Rijn, ik weet het even niet. Wat ik wel weet is dat Annemiek Rijckenberg met slechts 5 voorkeurstemmen te weinig eer heeft gekregen voor 6,5 jaar bloed, zweer en tranen. Maar hoe het ook zij: de kiezer heeft gesproken en met de kiezer valt niet te spotten.

woensdag 22 november 2000 (33)

Water

De Hollandse moessontijd is weer in alle hevigheid losgebarsten. Sinterklaas is in het land en de zonneschijn is tot nul gereduceerd. Met een beetje mazzel is er rond het middaguur een streepje licht te ontwaren aan het zwerk, maar voor je er van hebt kunnen genieten hult de dag zich in haar nachtelijk gewaad. U begrijpt het al, de schrijver dezes woorden heeft het niet op de herfst. Althans, niet als de herfst zich alzo aandient. Waar zijn de koude, maar zonovergoten zondagmiddagen gebleven, die wij vroeger in het bos van Haarzuilens plachten door te brengen. Heb ik nu al last van het romantiseren van de jeugdjaren, of is er daadwerkelijk iets met het klimaat aan de hand. Het eerste zal waar zijn, maar volgens de honderden milieu-ministers die op dit moment Den Haag bevuilen (veel CO2 uitstoot met al die limo’s), is het laatste ook aan de hand. Nog even, en Nederland zal haar gevecht met het water definitief verliezen door de stijging van de temperatuur. Kijk, dat water is effe lastig, maar die temperatuurstijging zie ik persoonlijk wel zitten. Zeker als die gepaard zal gaan met meer zon. Nu moeten we er natuurlijk wel voor zorgen dat we het klimaat zo veranderen, dat we die extra zon vooral in de herfst- en wintermaanden tot ons krijgen. Is dat technisch realiseerbaar? Laten we daar eens onderzoek naar doen! Veel leed op milieutechnisch gebied wordt toegeschreven aan die vermaledijde auto. Helemaal mee eens. Het is toch van de zotte dat we ons al meer dan honderd jaar op benzine voortbewegen. Gelukkig heeft ons aller Tineke Netelenbos inmiddels ingezien dat we ‘privé’ mobiliteit niet moeten en kunnen tegengaan. Lijkt me een gezonde gedachte. De mens laat zich door geen regering terugslaan in de middeleeuwen. Kan er nu eens eindelijk iemand opstaan die de problemen oplos waar ze ontstaan, en er dus voor zorgt dat we over tien jaar op waterstof rijden. Dat we wel zelf naar de snelweg kunnen rijden, maar dat die ons stuur dan overneemt! Geen meter extra asfalt is nog nodig. We schuiven gewoon bumper aan bumper via de computer naar Amsterdam. Ongelukken behoren tot het verleden, files en uitstoot ook. Kunnen we meteen de A2 veilig overkappen! Nee hoor, in dit land blijven we bezig met geneuzel over parkeerplaatsen en tolpoorten. Uitstoot is kennelijk prima, als je er maar voor betaalt. Wat heerlijk ouderwets. Parkeren onder de grond? Iedereen vindt het de uitkomst, maar in Leidsche Rijn zijn we inmiddels groenstroken aan het bestraten. De kamer piept al weken of er 6 miljard naar asfalt moet en 4 miljard naar OV, of andersom. Niemand roept: ‘boys from Delft, hier is 3 miljard en over vijf jaar hebben we computergestuurde snelwegen en rijden auto’s op water. Hebben we en passant een bestemming voor dat vele water dat Nederland schijnt te bedreigen.

woendag 6 december 2000 (34)

Nog even

Wederom gaan we met Leidsche Rijn een nieuwe fase in: het post-pionier-tijdperk. Reden voor De Brug om te stoppen met de tweewekelijkse ‘Leidsche Rijn pagina’. En welk een verrassing?ik heb géén ontslag gekregen. Er zijn geen pogingen ondernomen me op een zijspoor te rangeren, ben zelfs niet weggepromoveerd tot bezorger -terwijl daaraan een schreeuwend tekort bestaat- nee, helemaal niets van dat al. Uiteraard schept zulk een vertrouwen verplichtingen. Ik zal bijvoorbeeld mijn best doen om vanaf mijn nieuwe stekje -op welke pagina dan ook- wat ‘bredere’ onderwerpen te kiezen. Ik ben bijvoorbeeld heel benieuwd hoe de inwoners van Vleuten-De Meern zich voorbereiden op de feitelijke inlijving door Utrecht. Nog krap een maand, en dan is het voorgoed gedaan met het dorpse gevoel. December is al een maand van overpeinzing en melancholie en dat wordt er natuurlijk niet beter op met de daadwerkelijke effectuering van de herindeling. Vorig jaar rond deze tijd was iedereen nog bang voor de komst van het millennium. Er gebeurde geen enge dingen. Nu zal de bijna ex-dorpbewoner helse angsten uitstaan voor het komende OZB-formulier. En ik kan u verzekeren: dat is geen onterechte angst. Ik kan me de verbazing nog goed voor de geest halen toen ik een paar jaar geleden de aanslag van mijn ouders zag. Zij wonen op een lekker stekje in Vleuten en betaalden minder dan de helft dan wat ik in Utrecht betaalde voor een ruim bemeten kippenhok in de binnenstad. Het verschil per vierkante meter was helemaal om ziek van te worden. Niet voor hen, maar wel voor mij! Dat gevoel van onrechtvaardigheid behoort vanaf 1 januari 2001 definitief tot het verleden. U bent gewaarschuwd: de poeplap kan getrokken worden, en goed ook. Het is niet mijn bedoeling om de angst verder aan te wakkeren, maar er zijn talloze verschillen. Toen ik nog in Vleuten woonde, verbaasde het mij niet dat de wegen zo’n beetje om het jaar van een hagel nieuw laagje asfalt werden voorzien. Die verbazing kwam pas toen ik in Utrecht woonde. Daar volgde pas actie -met een emmertje pek- na minimaal honderd klachten over levensgevaarlijke scheurvorming in het abominabele wegdek. In Vleuten kende ik de mensen van de plantsoenendienst bij naam. Die mannen hadden gewoon lol in hun beroep gezien de staat van de perken en groenstroken. Alles zag eruit om door een ringetje te halen. In Utrecht doen ze dat anders. Als er geen tijd is om gras weg te halen waar het niet hoort, maakt men geen excuses voor de puinhoop, maar wordt er een term verzonnen voor dit onvermogen. Iets van ‘ecologisch beheer’. Wees dus blij dat de straten en perken nog een goede laatste beurt hebben gekregen, het kon wel eens een tijdje duren eer de volgende op de planning staat.

woensdag 20 december 2000 (35)

Annemiek

Morgen neemt onze wethouder ‘Ruimtelijke Ordening en Leidsche Rijn’ afscheidt van de Utrechtse politiek. Na een wethouderschap van ruim zes jaar, zal Annemiek Rijckenberg het stokje doorgeven. Het afgelopen decennium is er veel debat geweest over Leidsche Rijn, maar de toon is er de laatste tijd niet beter op geworden. Harder, vinniger vooral. De bewoners zijn fel geweest, maar was dat uit hun perspectief onterecht? Als je met drie kleine kinderen thuis zit, dan mis je al snel een supermarkt in de buurt. Als je kinderen in de schoolgang les krijgen, kijk je iets anders tegen de vertraging van het Kindercluster. Sta je maanden op de wachtlijst van een crèche, dan heb je geen begrip voor een ‘inschattingsfout’ over het hoge geboortecijfer alhier. Moet je ’s avonds de auto standaard in de wadi parkeren, dan ben je niet happy met een lage parkeernorm. Duurt het dagelijks twintig minuten om de A12 te bereiken, dan ben je boos over het oeverloze gezwets tussen Rijk en Gemeente betreffende hoofdinfrastructuur. Zijn er in je straat vijf katten doodgereden, dan wil je morgen verkeersdrempels en niet over een paar jaar. Schreeuwerige bewoners? Dan heb je eindelijk participerende en betrokken burgers, en dan is het weer niet goed. Men wenst doortastend optreden, geen slappe verhalen. Ligt dat aan de bewoners? Nee! Het ligt meer aan het verschil van inzicht tussen mensen die hier dag in dag uit leven, en mensen die er beroepsmatig bij zijn betrokken. Een nieuwe bewoner wil best een paar maanden ‘pionieren’, maar dan moet het over zijn. Dat is een gegeven, en dat plaatst de gemeente voor grote problemen. En natuurlijk kunnen er redenen zijn dat je als gemeente iets niet, of pas veel later wilt. Echter, dan zal je er wel een goed verhaal bij moeten hebben. Ook dat is een gegeven. Helaas ging er het afgelopen jaar kennelijk ergens iets fout. De luchtigheid, lol en openheid waren plots verdwenen. Slecht voor het wederzijds respect en het vertrouwen. Het zal Annemiek hebben gestoord dat de toon veranderde. En dat vinden de bewoners ook jammer. Annemiek kan gezien worden als ‘geestelijk moeder’ van Leidsche Rijn. Samen met Hellen Melcherts en Riek Bakker. Drie geweldige vrouwen hebben Leidsche Rijn uit de klei getrokken. Hellen gaf het stokje al veel eerder door. Ook Riek is reeds lang uit de schijnwerpers getreden. En nu is het de beurt aan Annemiek om haar ‘kindje’ door te geven. Dat zal best even slikken zijn. Maar, de eerste wijken zijn gebouwd. De productie loopt als een trein. De ‘kinderziekten’ kunnen met een beetje goede wil allemaal worden gerepareerd. Leidsche Rijn wordt een prima stadsdeel. Er is tussen de bewoners een hechtheid ontstaan die opmerkelijk is, waar niemand van had durven dromen. Wees dus blij met de mondige bewoners. Dat is een goed teken, een teken van betrokkenheid, van trots op de nieuwe woonomgeving. En laat Annemiek van één ding verzekerd zijn: we zullen haar kindje goed verzorgen! Dat verdient niet alleen zij, maar ook alle huidige- en toekomstige bewoners. En wel zullen haar nog missen. Met dat eeuwige sigaretje, die heerlijk moeizame lichaamshouding en d’r scherpe zwarte humor!